
Foto: © www.letour.fr
De onwaarschijnlijke slachting onder de concurrenten van Armstrong die gisteren op de flanken van de Tourmalet was ingezet ging vandaag al in het eerste wedstrijduren gewoon door. Al heel vroeg in de rit liet Haimar Zubeldia, het nummer vijf van vorig jaar, zich uitzakken tot bij de wagen. De schaduwkopman bij Euskatel gaf op, hij verloor gisteren ook al 18'33". Niet veel verder was het de buurt aan Denis Menchov van Illes Balears. Veel verrassender, want de witte trui van vorig jaar eindigde gisteren nog op een knappe zevende plaats. In elk geval, na 25km kroep ook hij in de ploegleiderswagen.
En het ging gewoon door : na 80km stapte Hamilton af. Mentaal en fysiek totaal ontredders door een combinatie van valpartijen (pijn aan de rug), slechte prestaties (gisteren op 3'27") en de dood van z'n hond. Exit Hamilton, één van de favorieten voor eindwinst. En op de flanken van de Col d'Agnes maakte ook Iban Mayo aanstalten te stoppen. Hij werd door ploegmaats en ploegleider overtuigd door te gaan, de man die in de Dauphiné de verzamelde concurrentie (Armstrong incluis) belachelijk maakte op de Ventoux kwam binnen op meer dan een half uur. De gekke Basken die zich massaal hadden verzameld op de slotklim naar Plateau de Beille verloren in nauwelijks drie uur tijd hun hoop op een goed klassement, de twee kopmannen laten het helemaal afweten. Hun eerste oranje held werd vandaag Iker Camano. Als 28e en op bijna negen minuten...
Er werd intussen ook gekoerst : In een alweer razendsnel eerste uur volgende de vuchtpogingen elkaar in ijltempo op. Virenque schoof dikwijls mee, maar dat werd door US Postal niet geduld wegens te gevaarlijk voor het klassement. De bolletjestrui zat dan ook niet in de goeie ontsnapping. Ook Michael Boogerd greep net naast de goeie vlucht. Die werd uiteindelijk gerealiseerd door Sylvain Chavanel en Jens Voigt. Toen het peleton aan de eerste klim begon (Col des Ares, 3e cat) en het verschil met het kopduo al meer dan anderhalve minuut bedroeg trok Michael Rasmussen in de tegenaanval. Het leek een "chasse patate" te worden, meer op de Portet d'Aspet, na 63km en een achtervolging van goed 30km, kwam de Deen toch aansluiten. Ook hij betekende echter een bedreiging voor het klassement - het verschil met Armstrong bedroeg voor de rit slechts 4'56". En dus konden de drie koplopers nooit meer dan 5'30" uitlopen.
Op de Portet d'Aspet moesten achteraan het peleton voor het eerst een heel pak renners afhaken, maar ze kwamen allemaal terug. Pas op de Col de la Core, de Latrape en de steile Agnes vormde zich een echte bus. Ook gele trui Voeckler had het op elke klim lastig, maar de jonge Fransman beet door en kwam telkens terug tijdens de afdaling of met z'n vreemde sprintjes in de laatste honderden meters van een beklimming. Hij zorgde voor wat vermaak tijdens een wedstrijd die nooit echt openbrak. Ook de sprintjes tussen Richard Virenque en Christophe Moreau op de hellingen zorgden daarvoor. Virenque pakte veruit de meeste punten en lijkt nu echt wel goed op weg om z'n zevende bolletjestrui te pakken en zo alleen recordhouder te worden.
Op de Col d'Agnes, met nog 60km te gaan, durfde Francisco Mancebo het dan toch aan om de vesting Armstrong aan de vallen. Het tempo schoot omhoog en het peleton werd gedecimeerd. De blauwe trein kwam langzaam terug en Mancebo liet zich na een inspanning van 2km opnieuw inlopen. Het tempo bleef hoog en nog zo'n 20 man bleven over op de top. Geen Mayo dus, maar ook Heras moest opnieuw passen. Voeckler, die tijdens de eerste beklimmingen meestal bij de 30 eerste moest lossen, kwam nu boven op een goeie halve minuut van de groep met de favorieten. Nu kwam hij zo ongeveer als dertigste boven, het typeert z'n vechtersmentaliteit. In de afdaling kwam hij samen met enkele anderen terug, in de vallei richting Plateau de Beille was de hoofdmacht ongeveer 30 man sterk.
Rasmussen en Voigt reden daar nog steeds voorop, maar hun voorsprong ging nu snel naar beneden en de ritzege konden ze wel vergeten. Chavanel hadden ze er tijdens de Agnes afgegooid, hij werd nog voor de slotklim ingelopen door het peleton en kon nog veel steun verlenen aan Voeckler. Bij het begin van de slotklim naar het Plateau de Beille bedroeg het verschil met de twee koplopers nog 2'30". En voor een col van 16km tegen bijna 8% gemiddeld was dat uiteraard niet genoeg. Op goed tien kilometer van de top waren ze eraan voor de moeite.
Al in de eerste hectometers van de beklimming kende Christophe Moreau grote pech. Hij reed achteraan lek en het verwisselen van een wiel met een ploegmaat nam veel tijd in beslag. Armstrong en z'n ploegmaats wachtten uiteraard niet : langzaam voerden ze het tempo en één voor één moesten ze lossen. Voeckler moest er al in de eerste kilometer bergop af, maar hij reed een erg knappe beklimming en reed nog heel wat volk voorbij. Op 12km van de top bleven Armstrong, Rubiera, Azevedo, Basso, Ullrich, Kloden, Goubert, Totschnig, Mancebo en Karpets nog over, maar toen Azevedo op 10km van het einde doortrok kon enkel de sterke Basso nog volgen. Totschnig volharde op vrij korte afstand, daarna volgden Kloden en Mancebo. Ullrich moest opnieuw in het defensief, hij nam in zijn spoor nog een vijftal anderen mee. In het midden van de klim kwam de Duitser er toch wat door en reed hij die uit het wiel. Maar de sprong maken naar het Mancebo en Kloden lukte niet.
Toen Azevedo zich op 7km van het einde oprichtte na gedane arbeid bleven alleen Basso en Armstrong over, de zelfde twee als gisteren dus. Armstrong kon opnieuw niet wegrijden, Basso probeerde dat opnieuw niet. Een perfecte kopie van de rit van gisteren dus, alleen de laatste kilometer was anders. Armstrong, die vandaag toch wat sterker oogde dan z'n medevluchter, won de "sprint". En opnieuw de vraag of dat wel een sprint was. Totschnig werd op 1'05" knap derde, hij doet een goeie zaak in de stand. Op 1'27" klopte Klöden Mancebo in de sprint voor de vierde plaats, Jan Ullrich werd vandaag zesde op 2'42", op korte afstand gevolgd door Azevedo en Moreau (knappe remonte). Thomas Voeckler oversteeg zichzelf opnieuw en redde z'n trui. Hij finishte als dertiende op 4'42", ver voor mannen als Sevilla en Leipheimer. In de stand houdt hij 22" over op Armstrong.
De Pyreneeën zitten erop en de schade is niet te overzien. Enkel Ivan Basso komt nog in aanmerking om Armstrong te bedreigen, de andere favorieten zijn naar huis of volgen op grote afstand. Basso volgt op 1'17" van de Amerikaan, Klöden is in de stand van de klassementsrijders derde op net geen drie minuten, hij wordt van kortbij gevolgd door Francisco Mancebo. Jan Ullrich volgt op bijna zeven minuten van Armstrong en het ziet er naar uit dat hij zelfs niet tweede wordt, iets wat de laatste jaren toch al een (slechte) gewoonte was geworden. Of de Tour gereden is? Zolang Basso niet durft aanvallen wel.
Willem Vandoorne